Scoliose bij 18- tot 40-jarigen

Introductie over scoliose

Scoliose is een aandoening van de borst- en/of de lendenwervelkolom. De diagnose wordt gesteld als er sprake is van een S-bocht van meer dan 10 graden naar buiten in staande positie (de hoek van Cobb, gemeten op een röntgenfoto). Het betreft een S-vormige standsverandering en kan gepaard gaan met aanzienlijke rotatie van wervels. Daarmee is scoliose een complexe 3-dimensionale afwijking.

Welke subtypes?

Er zijn 3 vormen van scoliose: congenitaal, neuromusculair en idiopathisch.

Congenitaal

Congenitaal betekent dat een kind geboren is met deze afwijking en dat er sprake is van een zich niet goed gevormde wervel. Dit kan bijvoorbeeld gaan om een wervel die zich maar voor de helft gevormd heeft en daarmee niet aan beide kanten gelijkwaardig meegroeit en hierdoor een S-curve in de wervelkolom ontstaat.

Neuromusculair

Neuromusculaire scoliose wordt gezien bij kinderen met onder andere spierdystrofie (Duchenne), hersen afwijkingen ten gevolge van een geboorte trauma, spina bifida (open rug) of andere neurologische afwijkingen die bijvoorbeeld onderdeel kunnen zijn van een specifiek syndroom.

Idiopathisch

Idiopathisch betekent dat de oorzaak van de scoliose (nog) niet goed bekend is. Hiernaar wordt veel onderzoek gedaan. Momenteel lijkt het erop dat er tijdens de groei van het kind gebieden in de rug ontstaan die door schuifkrachten in de wervels hun stabiliteit verliezen en zo kunnen verdraaien. De boeken zijn hierover nog niet gesloten.

Welke vorm past bij welke leeftijd?

Er zijn drie leeftijds categorien waarop de scoliose zich kan presenteren. Infantiele scoliose op de leeftijd van 0-2 jaar, juveniel op leeftijd 3-10 jaar en adolescent op de de leeftijd 11-17 jaar.

De infantiele en juveniele varianten worden niet zelden gezien in relatie tot een afwijking aan het ruggenmerg en dienen daarop onderzocht en zo mogelijk behandeld te worden. Adolescente Idiopathische Scoliose (AIS) wordt vaker bij meisjes dan bij jongens gezien. Slechts een paar procent van de AIS kinderen heeft bochten groter dan 10 graden.

Bij meisjes nemen de bochten eerder toe dan bij jongens. AIS wordt vaak voor het eerst waargenomen door een ouder, de huisarts of de schoolarts.

Waar bevindt zich de scoliose?

Er bestaan meerdere varianten in S-bochten van de rug. Deze kunnen op verschillende plaatsen in de wervelkolom optreden (hoog of laag), de omvang kan variëren van een grote hoek of juist een beperkte hoek, de stugheid van de bocht kan variëren van heel stug tot zeer flexibel en zoals hierboven reeds benoemd kan de ene bocht zeer snel toenemen tijdens de groei terwijl dit bij een ander stabiel blijft.

Het blijft lastig te voorspellen bij wie de curve erg zal toenemen en bij wie niet. Dit hangt mede af van de leeftijd waarop de curve voor het eerst wordt gezien. Als de curve groot is en de grote groeispurt nog niet is geweest kan het nodig zijn om kinderen regelmatiger te controleren. Een kleine bocht aan het einde van de groei is minder zorgelijk.

Röntgenfoto’s van de rand van het bekken kunnen een oordeel geven over waar het kind zich qua skeletgroei bevindt. Dit noemen we het Risser stadium (0-5). Over het algemeen nemen curves onder de 30 graden aan het eind van de groei niet veel meer toe bij vorderende leeftijd. Bij curves boven de 50 graden kan dit met 1 graad per jaar verslechteren.